“Hoe heb jij leren fotograferen?”

Regelmatig word ik benaderd met vragen als: “Dennis! Jij bent toch ook hobbyfotograaf? Hoe heb jij leren fotograferen? Heb je een opleiding gedaan?” En elke keer als deze vragen aan mij worden gesteld, reageer ik met ongeveer dezelfde antwoorden. Omdat ik mezelf steeds herhaal, lijkt het me de hoogste tijd om hier een blogpost aan te wijden.

Maar hoe beantwoord ik deze vragen in een blogpost? Daarvoor bedacht ik dit: Wat zou ik mezelf adviseren, als ik vandaag zou beginnen met fotografie? Wat zou ik mijn onervaren ‘ik’ aanraden, om op gang te komen?

Hieronder een (incompleet) overzicht van wat ik je zou vertellen op een feestje. Pak er maar iets te drinken bij, want ik ga er lekker uitgebreid op antwoorden.

Niet

Wat je naar mijn mening beter niet kunt doen:

  • De nieuwste/beste/duurste apparatuur kopen. Je hebt echt niet de duurste camera nodig om te starten met fotografie. Je smartphone is al een goed startpunt. Wil je wat meer controle hebben over allerlei zaken, dan is het wellicht handig om een camera te hebben met wat meer instelmogelijkheden (bijvoorbeeld een slimme compact, een systeemcamera of een DSLR). Maar ben in eerste instantie vooral niet te veel bezig met apparatuur. Slechte camera’s worden niet meer gemaakt.
  • Complete opleidingen volgen. Als je beroepsfotograaf wilt worden, zou zo’n opleiding zinnig kunnen zijn. Maar voor een hobbyfotograaf is de investering qua tijd en geld behoorlijk. De vraag is of je dat ooit terugverdient. Veel afgestudeerden van fotoacademia willen beroepsfotograaf worden, maar komen zelf niet aan de bak.
  • Denken dat je professioneel moet worden/zijn. Sommige hobbyfotografen vinden het zo leuk, dat ze het beroepsmatig willen gaan doen. Maar overweeg dit goed. Op het moment dat je het beroepsmatig gaat doen, ben je niet meer vrijblijvend aan het fotograferen. Je bent zelfs niet meer alleen maar aan het fotograferen, want er zijn ook nog dingen als administratie, boekhouding, marketing, klantcontact, etc. Geniet van het feit dat je het hobbymatig kunt doen en dat je lekker kunt doen waar je zin in hebt.
  • Jezelf vastzetten in bepaalde categorieën (bv “ik doe alleen landschappen”). In één vorm van fotografie bezig zijn, is bijna onmogelijk. Je combineert altijd meerdere dingen in één foto. Bijvoorbeeld: Een portretfotograaf die buiten werkt, zal ook iets moeten weten van dag-/zonlicht, lagen in de achtergrond, etc. Typisch dingen die een landschapsfotograaf ook moet weten. Daarnaast doe je in alle vormen van fotografie ervaring op. Beperk jezelf daar niet in. Ik heb heel veel over licht geleerd door in de natuur te fotograferen, terwijl ik landschapsfotografie an sich niet echt interessant vind.
  • Blijven hangen in theorie. Het is leuk om theoretische fotografieboeken te lezen. Echt, ik kan het urenlang doen. Echter, ik leer er steeds minder van. En wat op papier staat, heb je nog niet zomaar in de praktijk gebracht. Pas als je iets echt doet, dan leer je het. Dat geldt ook voor workshops. Je kunt er wel fanatiek aan blijven deelnemen, maar uiteindelijk leer je er alleen de theorie en de minimale praktijk onder begeleiding van de docent. Pas als je er zelf mee aan de slag gaat, dan leer je hoe iets moet. Vergelijk het met autorijden: Je theorie/praktijk zijn er om je te leren rijden; het is de basis. Echter, pas als je zonder instructeur de weg op gaat, doe je echt ervaring op.
  • Te veel bezig zijn met techniek. Je kunt wel altijd alleen met technische zaken bezig zijn in je hoofd, maar eigenlijk moeten die naar verloop van tijd vanzelf gaan. Daar zou je niet meer te lang bij stil moeten staan. Het is veel beter om je tijd en energie te steken in het beeld zelf. Wat ga ik weergeven en waarom? Hoe dat vervolgens moet realiseren, weet je meestal wel. Weet je niet hoe je het moet realiseren, dan zit daar een leerpunt.
  • Websites en magazines over apparatuur volgen. Er komen wekelijks nieuwe camera’s, lenzen, flitsers, etc. op de markt. Allemaal leuk, maar je gaat niet beter fotograferen, door deze ontwikkelingen op de voet te volgen. Daarnaast zijn de verbeteringen en vernieuwingen bij apparatuur vaak niet echt significant; het zijn hooguit wat upgrades. Steek je tijd dus niet in het volgen van apparatuur-nieuwtjes.
  • Praten in termen van ‘regels’. Fotografie is een creatieve bezigheid. Er zijn geen regels; hooguit richtlijnen. Je mag het doen, zoals jij het wilt. Bijvoorbeeld: Een uitdrukking als ‘de regel van derden’ is misleidend. Het klinkt alsof het allemaal op die manier moet, maar dat is niet zo. Het is een richtlijn voor een prettig ogende compositie, maar er zijn natuurlijk talloze manieren om dit te bereiken.
Werk bestuderen van andere fotografen: "Playboy Fotografie" van Govert de Roos.

Werk bestuderen van andere fotografen: “Playboy Fotografie” van Govert de Roos.

Wel

Wat je naar mijn mening beter wel kunt doen:

  • Leer de basis van fotografie. Snap wat sluitertijd, diafragma, ISO en brandpuntsafstand zijn. Snap wat licht is en hoe het werkt. Snap hoe scherptediepte werkt en hoe je dat kunt beïnvloeden. Leer over ritmes en patronen. Leer over composities (symmetrisch, asymmetrich, diagonaal, etc). Leer over hoe je dingen beter wel of niet in beeld kunt zetten.
  • Beperk jezelf. Je hoeft niet alle lenzen voor alle mogelijkheden in alle situaties te hebben. Laat je niets wijsmaken door mensen met G.A.S. Neem gewoon één objectief mee en doe daar alles mee. Loop tegen beperkingen aan en vind een manier om daarmee om te gaan. Dat is creativiteit.
  • Bestudeer het werk van anderen. Hoe fotograferen de gevestigde fotografen die je bewondert? Wat doen zij met licht? Hoe zetten zij dingen in beeld? Wat voor invalshoeken worden er gebruikt? Etc. Study the masters. Dit kan met fotoboeken, bij exposities, online, etc.
  • Volg blogs van fotografen die je bewondert. Deze tip werkt natuurlijk alleen voor fotografen die op internet actief zijn EN nog leven. Het hoef niet per se een blog te zijn, maar kan bijvoorbeeld ook een Facebook-pagina, Twitter-account of Instagram-account zijn. Volg niet maar willekeurig wat fotografen. Het moet natuurlijk wel een fotograaf zijn met een stijl die je aanspreekt. Ook zijn er veel blogs die alleen maar over apparatuur praten. Aan die blogs heb je niets. Zorg dat je iets volgt dat je inspireert en/of waar je van leert.
  • Bestudeer theorieboeken. Maar niet te veel, want ze gaan vaak alleen over techniek en over trucjes. Gebruik ze om de basiskennis eigen te maken en om ideeën op te doen, maar ga vervolgens aan de slag. Je ontwikkelt je eigen werkwijze.
  • Focus op inhoud. Blijf niet hangen in technische verhalen, maar probeer steeds meer aandacht te schenken aan wat je binnen de kaders zet en hoe.
  • Bezoek exposities van gevestigde namen. Afgedrukte foto’s maken altijd meer indruk op mij dan foto’s op een beeldscherm. Vooral als ze op een wat groter formaat zijn afgedrukt. Bij een expositie kun je rustig de tijd nemen om mooi werk in het groot te bekijken en bestuderen. Ook ontmoet je er mede-geïnteresseerden, waarmee je over het tentoongestelde werk kunt praten. Dit kan ook heel leerzaam zijn. Ik heb bijvoorbeeld regelmatig meegemaakt dat iemand wat feiten wist te vertellen achter de foto, waar de expositie niks over vermeldde (later altijd gecheckt op internet en in boeken). Van nagenoeg alle expo’s die ik bezocht, vond ik het de entreeprijs meer dan waard.
  • Volg workshops. Benader een fotograaf die werk maakt dat jou aanspreekt en vraag of hij/zij workshops geeft. En wie weet geeft de desbetreffende fotograaf daadwerkelijk workshops en kun je al snel terecht om een dag met deze fotograaf aan de slag te gaan. Tijdens zo’n workshop kun je vaak in heel korte tijd heel veel leren. Ik heb in het verleden diverse workshops gevolgd bij Roy Wanders. Een fotograaf wiens werk me interesseert en die ook nog eens op fietsafstand van mijn woonadres gevestigd is. Het instapniveau voor deze workshops lag wel wat hoger dan basisniveau. Toch kwam ik er goed uit de voeten en leerde ik er veel, dat ik direct daarna in de praktijk heb gebracht.
  • Ga bij een fotogroep/fotoclub. Dit kan online en offline. Van een fotoclub kun je veel leren, maar let op: Het is geen cursusinstituut. Bij veel clubs zijn ze er niet van gediend als je lid bent om ALLES te leren. Meestal wordt verwacht dat je met de basis bekend bent. Bij sommige clubs ligt de lat zelfs iets hoger. Bedenk goed of je geschikt bent voor een fotoclub. Als je niet om de x weken met nieuw werk op de proppen wilt komen, maar geheel vrijblijvend wilt fotograferen, dan is een club wellicht niets voor jou. Als je kiest voor een club, zorg dan dat je kiest voor een club met leden die foto’s maken in een stijl die ook jou interesseert. Zo kun je van elkaar leren.
  • Maak persoonlijke foto’s. Dit gaat over foto’s van dingen die jou raken. Schiet met je hart. Dat houd je lang vol en maakt het leuk. Denk hierbij aan foto’s van je kinderen, je partner, je ouders, dat mooie natuurgebied waar je altijd wandelt, die stad waar je nooit meer weg wilt, je hobby, etc.
  • Deel je werk. Deel het met de wereld. Deel het op Instagram, Facebook, Flickr, 500px, of een van die vele andere sites. Ook als het niet perfect is. Laat bekenden en onbekenden zien wat je maakt. Veelal krijg je alleen wat likes, maar zo nu en dan krijg je een reactie waar je echt iets aan hebt. Tevens heb je hierdoor een online album beschikbaar, waarin je kunt terugkijken naar je eigen werk en dus ook naar je eigen ontwikkeling als fotograaf.
  • Hou een logboek bij. Noteer je ervaringen, ideeën, leermomenten, etc. Dit ondersteunt je leerproces en zorgt dat je niets vergeet. Door het op te schrijven, denk je er ook beter over dingen na. Je logboek wordt een steeds waardevoller document, dat helpt bij de ontwikkeling van jouw visie.
  • Hou een inspiratieboek bij. Hou digitaal of analoog een boek bij waarin je alles kwijt kunt, wat ooit bruikbaar kan zijn voor een foto. Denk hierbij aan ideeën die spontaan in je opkomen en waarvan je een schets maakt, maar denk bijvoorbeeld ook aan voorbeeldfoto’s uit tijdschriften en van websites. Online is Pinterest hier ontzettend geschikt voor.
  • De beste camera is de camera die je bij je hebt. Gebruik de camera die je bij je hebt. Laat geen fotomoment voorbij gaan, omdat je je allernieuwste full-frame spiegelreflex met mega-super-lens en centrale deurvergrendeling niet bij je hebt. Een gemist moment komt nooit meer terug. Elk moment vindt maar één keer plaats. Je hebt vast altijd een smartphone met camera op zak. Gebruik die. Zelfs als je daar niet de perfecte foto mee kunt maken: Imperfectie is OK.
  • Blijf nieuwsgierig en experimenteer. Denk niet “ik weet alles nu al”, want er is altijd wat nieuws te leren. Experimenteer, probeer eens een ander genre, praat met andere fotografen over wat hen bezighoudt… Maar ga jezelf niet herhalen en herhalen. Voor de kijker is de lol er dan snel vanaf en voor jezelf werkt dit ook niet echt motiverend.
  • Leg de lat niet te hoog. Verwacht niet van jezelf dat je binnen een paar weken de nieuwe Richard Avedon bent. Geef jezelf de ruimte om te experimenteren. Klooi lekker aan. Het mag helemaal mislukken. Wil je 100 foto’s maken van een bloem? Doe het dan. Mislukken ze alle 100? Dan heb je al 100 manieren gevonden om een bloem niet te fotograferen. Uiteindelijk vind je de manieren, om het wel te doen. Maak niet van elk foto-idee een mega-project met tientallen lampen en een circus vol dieren. Hou het realistisch voor jezelf. Dat is leuk en dat zorgt ervoor dat je dagelijks zin hebt om ‘even iets te proberen’.

Maar de beste manier om te leren fotograferen, is naar mijn mening: DOEN. En dat geldt eigenlijk voor alle creatieve dingen die je wilt leren: DOEN. Loop tegen beperkingen aan en ga daar creatief mee om. Of ga op zoek naar manieren om met een dergelijke situatie verder te komen. DOE. Doen is je beste leerschool. Je ontdekt waar je wel of geen energie van krijgt. Je merkt waar je hart ligt.

Veel succes en vooral veel plezier!

Meer info:

  • digitalefotografietips.nl: Een site waar al jarenlang niets meer gebeurt, maar die vol staat met relevante fotografie-kennis.

Leave a reply