Doel (2015)

Op 26 april 2015(!) ging ik met een groep fotografen naar de Belgische plaats Doel, ook wel bekend als: Spookstad Doel. Het leek ons wel gaaf om foto’s te maken in deze ‘spookstad’. Er zijn al heel veel fotografen in Doel geweest, die al heel veel gefotografeerd hebben. Dat weten we. Toch gaan ook wij proberen met unieke beelden terug te komen.

Ik kan het niet meer goed verwoorden wat ik destijds zag en voelde. Gelukkig schreef ik die dag een verslag in mijn logboek. Onderstaande tekst is een kopie van wat daar geschreven staat. De tekst is (uiteraard) geïllustreerd met foto’s, die ik op die dag maakte.

Uit mijn logboek

Ik loop alleen; fotografeer maar wat. “Doelloos”. De eerste momenten had ik nodig om alle ellende die zag te verwerken. Het overviel me; het kwam hard binnen. Doel is ontzettend indrukwekkend.

Zo’n extreem contrast: De molen, de koeltorens, de haven, ontzettend veel huizen in verval en een handvol dappere mensen die weigert hun huis te verlaten. Ze zitten daar maar; in een dorp waar nog duidelijk te zien is, dat het ooit een bruisende plek was. In een slecht huis omringd door voornamelijk leegstaande gebouwen. En dat allemaal tot in het einde der tijden; wanneer dat ook moge zijn… Doel in een notendop.

Maar ik zie ook veel kijktoeristen, fotografen, modellen die aan hun portfolio werken, jongeren die er met hun glimmende auto’s door de straten scheuren, diezelfde jongeren die hun auto fotograferen tegen een rotte achtergrond, avonturiers die graag door vervallen huizen lopen, de enige horeca-voorziening (de molen) waar de hele dag alle stoelen vol zitten, de mensen die uitwaaien op de dijk, de mini-jachthaven, wandelaars, urban explorers, etc.

En ik… Ik weet me geen raad met al deze waarnemingen. Wat leg ik vast? Hoe leg ik vast? Waarom leg ik eigenlijk vast?

Ik wandel maar wat rond. Af en toe schiet ik een foto. Maar vervolgens loop ik met een naar gevoel verder.

De horeca zit vol, maar het dorp is nagenoeg leeg. Bijna alle huizen zijn dichtgetimmerd. Het is grauw en grijs, met tussendoor de kleuren van de graffiti. Ik schop tegen een steentje op de weg. De steen stuitert een behoorlijk eind voor me uit over de stukken wegdek en door de kuilen. Zelfs de weg waarop ik sta is helemaal versleten. Echt alles is hier is vergaan.

Ik voel het leven nog uit de goede tijden. De mensen bij de bushalte die mopperen dat de bus te laat is, de rij in het postkantoor waarin mensen braaf wachten op hun beurt, het gezin dat de supermarkt uitwandelt waarvan de dochter een mooie ballon heeft gekregen, het bruidspaar bij het gemeentehuis dat handen vol rijst en confetti over zich heen krijgt gegooid, de auto’s bij het tankstation die even volgegooid worden voor een lange rit, de kinderen die spelen op de speelvelden en op straat omdat hun schooldag er weer opzit…

Het is slechts mijn fantasie die op hol slaat en alles invult. Al die activiteit is er niet meer. Er heerst stilte. Een pijnlijke stilte. Het stille protest van resterende inwoners duurt voort. Ze willen Doel behouden.

Na twee uur rondwandelen zie ik een huis dat in een iets betere staat is dan de rest. Wat apart! Dat moet ik vastleggen! Ik richt mijn camera op de gescheurde voorgevel en op het moment dat ik wil afdrukken, merk ik dat ik aangekeken word. Een oudere dame staart mij aan van achter het raam. Ze zit in haar luie stoel voor de TV met haar borduurwerk in haar handen. Ik schrik. Haal mijn vinger van de ontspanknop en laat mijn camera zakken. “Pardon!” roep ik haar toe, terwijl ik mijn hand verontschuldigend omhoog houd. “Sorry!” Dit voelt niet goed.

Snel wandel ik weg, richting de dijk. Het schaamrood staat nog onder mijn ogen. Een tijd lang wandel ik langs het water en uiteindelijk plof ik neer op een bankje op de dijk. Ik staar over het water in de verte en zet mijn verstand op nul. Even niets. Hoofd leeg. Afschakelen…

Na een tijd op dit bankje neem ik een besluit: Ik wil hier geen foto’s maken. Het is tè veel ellende. En deze ellende is al 100.000 keer vastgelegd; vanuit alle hoeken. Iedereen komt hierheen voor zijn eigen vermaak. Ik ga de vervallen huizen niet binnen; dan maar geen urbex-fotografie. Deze huizen zijn niet vrijwillig verlaten. De inwoners is hun huis en hun dorp afgepakt en nu kom ik ze lachend fotograferen. Hun leed is een toeristische attractie geworden. Ik geloof dat ik geen onderdeel wil zijn van dat toerisme.

Doel, ik laat je met rust. Genoeg vermaak uit dit leed. Ik doe niet mee. Ik wil niet registreren. Ik wil alleen maar de rust en stilte voelen, die over Doel hangt. Ik blijf hier zitten, totdat de rest van de groep klaar is om naar huis te gaan. En tot die tijd staar ik naar de vrachtschepen die hier voorbij varen…

Foto’s

Toch heb ik al één geheugenkaartje vol foto’s. Toeristische kiekjes. Niet meer… Niet minder… Ik besluit om er hier een paar te delen.

_mg_7738

_mg_7730

_mg_7950

_mg_7794

_mg_7796

_mg_7799

_mg_7826

_mg_7859

_mg_7924

_mg_7928

_mg_7900

2 Comments

  1. Annemiek · 04 november 2016

    Mooi verwoord, lief!!

    Reply

Leave a reply